Tolkien

We waren nog niet zo lang daarvoor naar Zeist verhuist toen er plotseling een voor ons kinderen althans wonderlijk figuur de oprit opliep op een mooie zondag. Althans, het moet wel een zondag zijn geweest want wij zaten met zijn allen in de tuin. Een enorme luxe naar het benauwde flatje wat wij in Amsterdam op drie hoog achter eerst hadden. Maar ja, dat was toen niet anders, er was immers een woningnood en een wetenschappelijk ambtenaar verdiende heel slecht in die tijd. Maar mijn ouders waren allang blij dat ze een eigen huis hadden zo vlak na de oorlog.

Mijn moeder keek verheugd op en attendeerde mijn vader op de wonderlijke figuur in een zwart pak, met een hoedje op en een jas aan die daar stond. Vooral dat laatste was opmerkelijk omdat het warm was die dag. De persoon werd uitgenodigd om er bij te komen zitten en binnen een korte tijd waren mijn vader en de wonderlijke verschijning in een diep gesprek verwikkeld nadat hij mijn oudste broer een pot honing had gegeven en zijn zwarte paraplu in de grond had gestoken. Het was Tolkien, die besloten had onaangekondigd zijn oud-student eens op te zoeken. Hij had spontaan de boot naar het continent genomen en daarna de trein en was van station Driebergen naar ons huis komen lopen.

Ja, de graaf zijn wiegje is omringt geweest door latere grote professoren. Als klein kind had ik al op schoot bij Tolkien gezeten en waren wij op een vakantie naar Engeland bij hen thuis geweest. De enorme high tea die zijn vrouw gemaakt had is mij altijd bijgebleven. De mannen zijn altijd bevriend gebleven, Tolkien en zijn vrouw hebben zich in de tijd dat mijn ouders in Oxford woonde altijd over hen ontfermt.

Het was het idee van de filoloog Harting dat mijn vader bij Tolkien in Oxford ging studeren in het kader van het zogenaamde Hartingprogramma. Harting, de oud-gymnastiek leraar die een geweldige scout was achteraf. Engels spak hij zelf met een verschrikkelijk accent, ik herinner me nog mijn vaders Harting-imitaties die accentloos Engels sprak omdat hij in Engeland was opgegroeid. But Gwyy, gwyyy was tat? Met de u uitgesproken als u in butter. Maar al zijn leerlingen zijn wel later hoogleraar geworden. Mijn vader, Verhoeff, Vos, noem maar op.

Advertisements

You Shall not Pass!

Hans was niet de enige die een trein wou tegenhouden. Deze figuur had duidelijk meer geluk en/of toverkracht. Een van de meer geslaagde Tolkien parodieen!

Is Wallie Smeagol???

Ja, ik heb uw discussies hier al een tijdje van een afstandje gevolgd. Er is hier natuurlijk nog veel meer mis dan op WQ. Een probleem is natuurlijk dat het hier een nog groter aantal artiklen, en een veel groter aantal deelnemers betreft. En dat de meeste deelnemers uiteindelijk toch kwantiteit boven kwaliteit waarderen. En er worden dus enorme risiko’s genomen. De rol van de mods (en ArbCom) hier is er een van brandjes blussen. En geregeld trachten ze dat te doen met olie. Bron=Whaledad Er is hier iets geks

Heb erover nagedacht. Over de Graaf, wat er toch gebeurd is met Wallie, over Tolkien en het project waar MDD zijn diploma nog zou scannen. Was Wallie in de ban van de ring? De gouden en almachtige arbitroll ring die hem digitaal aanzien gaf. Is Wallie Smeagol???

Stak Wallie verblind door een glanzende wiki carriere daarom onverwachts op meta een digitale dolk in de rug van zijn trouwe puinruimer de Graaf? Of was deze Graaf zelf de weg kwijt waardoor de digitale dolk hem bezeren kon? Kan Romaine werkelijk op drie plaatsen tegelijk een lezing geven, edits doen op projecten waar de zon niet schijnt en foto’s maken met raadselachtige meta data? Sprong Romaine na drie glazen Meloraki en een knokpartij met de Kolonel in een bar in Pireus achterop de motor bij Varoufakis? Of was het Schimmetje dat zou een hoop verklaren namelijk! Of juist ingewikkelder maken. Er is hier iets geks dat is zeker en vast. Wie het nog begrijpt mag het zeggen kijk en oordeel zelf:

Aan de overkant van de rivier

Een paar jaar geleden ik voelde me langzaam wegzakken in een zwart gat. Alles werd heel rustig om mij heen werd en ik moet zeggen zeer behaaglijk. Er verscheen een Grieks orthodoxe priester naast mij, een oude man die op een hele kalme toon tegen mij begon te praten. Hij vertelde mij dat hij in de jaren vijftig van de vorige eeuw was overleden en begon mij van alles uit te leggen wat op dat moment volkomen logisch en helder op mij over kwam. Ik zakte nog verder weg.

Ik kwam weer tot mijzelf en zat op een bankje bij een klooster op Athos in de werkelijk prachtige kloostertuin met de mooiste bloemen die ik ooit had gezien. Langzaam kwam er een monnik op mij af en vroeg mij of ik de rest van het klooster wilde zien. Ik zei graag, en hij nam mij door een lange gang mee naar geheime ruimtes waar verder niemand mag komen en liet mij de mooiste iconen zien die ik ooit gezien had. Een oude monnik uit lang vervlogen tijden zat in de hoek een icoon te schilderen, glimlachte vriendelijk naar mij en ging weer door met zijn werk. Je zag aan zijn kleding, de stof ervan, zijn brilletje, het kleine olielampje, aan alles dat het een andere tijd was.

Vervolgens was ik terug in de tuin en zat weer op het bankje, het rook er heerlijk zoals alleen maar Griekenland kan ruiken op een mooie zomeravond. Er stond een zacht, verkoelend briesje. Je hoorde het geluid van krekels en het was er heerlijk. Zo vreedzaam, ik kan het niet uitleggen. Dezelfde monnik die mij had rondgeleid kwam terug met een blaadje met koffie en iets lekker. Ik was gelukkiger dan ik ooit op aarde was geweest, dat moet wel want de factor tijd was weg. Ik was duidelijk in een andere dimensie.

Er kwamen twee mannen aanlopen, de ene herkende ik meteen, maar de andere pas later. Het was mijn vader met zijn vriend Tolkien. Ik heb Tolkien als kind namelijk goed gekend, daar zal ik later meer over vertellen. En zij vertelde me van alles uit, over heel het leven maar het meeste herinner ik mij niet meer.  Ook legde ze me tot in de details uit hoe het Grote Project echt in elkaar stak. Werkelijk tot in elk detail. Het was heel raar, ik rook zelfs de lucht van mijn vader, zijn after shave, alles. En zijn kleren, zijn pak met vest was ook anders dan tegenwoordig, ruwer, een ander soort stof van vroeger, ik weet niet hoe ik het moet zeggen. Het was levensecht.

Na verloop van tijd namen ze afscheid en ik zat nog even, dronk mijn koffie op en genoot. Met een klap kwam ik op de wereld terug met allerlei draden aan me, de broeder was een ECG aan het maken en zei alles is goed. De  nachten daarna verscheen de priester weer en heb ik met heiligen gesproken. Elke nacht is er een ECG gemaakt vervolgens. Ik mocht na een paar dagen weer naar huis, er was niks, maar dan ook niks gevonden. Ik was zowel lichamelijk en geestelijk 100% gezond.

Maar het rare was dat wat mij die nacht door mijn vader en Tolkien verteld was in een universele taal tot in de details klopte. Niemand heeft mij ooit iets over het Grote Project verteld, ik heb nooit met iemand erover gesproken. Eerlijk! Nog steeds niet, behalve met Ausma. Maar ik kende elke aspect, dat blijkt wel. Zelfs van de internationale wikiwereld. Jaren heb ik niemand meer terug gezien tot laatst de priester s’nachts weer verscheen naast mijn bed en zich met woorden van grote wijsheid aan mij openbaarde. Ik nam het allemaal voor kennisgeving aan, ik was al een tijdje helemaal niet lekker. Ik dacht, je wordt oud, je bent op.

De ambulancebroeders waren echt geweldig. Ik vroeg, ga ik nu dood? Nee, zei een, want ik ben examen ambulancebroeder aan het doen en dat was een geruststelling. Ik ben uiteindelijk door een geweldige, sympathieke Belgische arts voor de poorten van de dood weggesleept, en het gaat best goed met me op het moment. En ik ben werkelijk geen seconde bang geweest, want soms verlang ik heimelijk terug naar die andere wereld.

Is dit verhaal een verzinsel van mij? Net zoals al die andere verhalen dat zouden zijn volgens Edje de Roo en de rest? Zou ik wel echt zijn? Zou ik wel de waarheid spreken? Of zou ik werkelijk die geniale troll zijn? De keuze is aan u, de lezer.

All Right

Hier is de Graaf dan, die komt als en gaat als het hem uitkomt. Wat ga ik hier schrijven, en waarover? Nou ik denk heus wel bij tijd en wijle een stukje Pediavenijn als dat zo uitkomt, maar ook over andere zaken. Zoals trijntjes, the mystery of vacuum tubes, en nog meer. Over Tolkien? Denk ik wel. Gekke verhaaltjes? Beslist!

 

Anyway, ik bedank De Kolonel, mijn digitale vriend, hoe dan ook voor de gastvrijheid.

 

De graaf himself.