My story

In het nummer Hotel California komt nog een treffende frase voor. Je kunt er niet alleen niet uitchecken, er is meer aan de hand.

“How they dance in the courtyard, sweet summer sweat
Some dance to remember, some dance to forget”

En ik behoorde tot de laatste groep. Ik had eigenlijk nooit erg stil gestaan bij de gruwelijke familiegeschiedenis, of wie of wat mijn vader was. Ik had alles op een veilig plekje heel diep weggestopt. Maar er hadden zich een paar vervelende dingen afgespeeld inzake de familiehistorie die ik liever hier niet te veel vernoem. Het had met oom Gerard te maken, je weet wel, de zwager van mijn grootvader die voor de andere kant koos in de oorlog.

Mijn vriendinnetje zei op een bepaald moment, schrijf eens iets over je vader op Wikipedia, het was toch een bijzondere man. Zo gezegd zo gedaan, en de volgende dag stond het stukje op de verwijderlijst. Met de kennis van nu snap ik dat best, zijn fout was geweest  dat hij nooit een balletje op zondagmiddag had getrapt voor een paar centjes naast een baantje als magazijnbediende. Want een hoogleraar en de oprichter van het toenmalig Engels instituut, ach, wie dacht ik wel dat hij was.

Ik ging eens rondkijken en kwam in een soort vossenjacht terecht. Aan de hand van een of andere kennelijke arbcomuitspraak waren ene Jan de Fietser en een aardige oudere man, Borgdorff de vos met een meute onder leiding van ene Robotje, Moira en BasbB die op de meest onsympathieke manier die je kan bedenken achter hen aan  joegen.

Verder was er een of andere onbestendige, duistere ruzie in de kroeg en Wikipediabreed gaande waarvan ik later begreep dat de inzet Den Vereeniging Ter Kennisverzameling Wikimedia was. Het totale onzinnige karakter van deze vereeniging met vooral ene Effeietsanders en Romaine die het hoogste woord hadden werd mij als snel duidelijk.

Ik ben snel vertrokken. Maar ik bleef geboeid, ben blijven kijken, heb geprobeerd een half jaar de verbanden in kaart te brengen en heb vooral de zaak Jan de Fietser goed gevolg. En toen kwam ik redelijk geïnformeerd terug. Ik had de kopstukken geobserveerd, en vooral in hun gebruikersgeschiedenis gezocht, en toen wist ik genoeg. Er klopte niets van het geheel. Het was één groot  wespennest, een slangenkuil.

Ik ging terug, ik wilde een rood linkje invullen in het artikel van mijn vader. Over het St Catherine’s College. Troll, troll, trol klonk het uit elke hoek. Of het nu Chris, BasvB, Moira, Vintroll, of wie dan ook was, ik was de vijand en moest overal de mond gesnoerd. Ik was een troll. Waarom? Omdat ik ze doorhad! Ze stonden namelijk de kluit te besodemieteren! En ik had het boute lef gehad Jan na te vragen op zijn blog waar het om ging. Hoe durfde ik!

Mij pesten, liegen, treiteren en  trollen, dat was hun ding. Vooral die Chris en BasvB konden niet ophouden met schelden en trollen. En zelf niks presteren he?  En dat is zo een beetje het verhaal. Ikzelf denk dat ze echt dachten dat ik iemand anders was en daarom los zijn gegegaan met beledigen en trollen en later met  arbcomtrollen. En dat ze dachten dat ik een of andere gek was of zo die een waanidee had de zoon van die prof te zijn.

En dat is het verhaal, maar de waarheid is dat ik er geen hond van ken of kende, en zij zich als een stel dwazen tegenover mij gedragen hebben, en ik het simpelweg niet pik. Zij een beetje de mooie mijnheren en mevrouwen uithangen met hun meesterwerk en vlaggenschip wat nergens op lijkt, en mij als deurmat gebruiken. Gaat hem echt niet worden, geloof dat maar niet.

Advertisements

Tolkien

We waren nog niet zo lang daarvoor naar Zeist verhuist toen er plotseling een voor ons kinderen althans wonderlijk figuur de oprit opliep op een mooie zondag. Althans, het moet wel een zondag zijn geweest want wij zaten met zijn allen in de tuin. Een enorme luxe naar het benauwde flatje wat wij in Amsterdam op drie hoog achter eerst hadden. Maar ja, dat was toen niet anders, er was immers een woningnood en een wetenschappelijk ambtenaar verdiende heel slecht in die tijd. Maar mijn ouders waren allang blij dat ze een eigen huis hadden zo vlak na de oorlog.

Mijn moeder keek verheugd op en attendeerde mijn vader op de wonderlijke figuur in een zwart pak, met een hoedje op en een jas aan die daar stond. Vooral dat laatste was opmerkelijk omdat het warm was die dag. De persoon werd uitgenodigd om er bij te komen zitten en binnen een korte tijd waren mijn vader en de wonderlijke verschijning in een diep gesprek verwikkeld nadat hij mijn oudste broer een pot honing had gegeven en zijn zwarte paraplu in de grond had gestoken. Het was Tolkien, die besloten had onaangekondigd zijn oud-student eens op te zoeken. Hij had spontaan de boot naar het continent genomen en daarna de trein en was van station Driebergen naar ons huis komen lopen.

Ja, de graaf zijn wiegje is omringt geweest door latere grote professoren. Als klein kind had ik al op schoot bij Tolkien gezeten en waren wij op een vakantie naar Engeland bij hen thuis geweest. De enorme high tea die zijn vrouw gemaakt had is mij altijd bijgebleven. De mannen zijn altijd bevriend gebleven, Tolkien en zijn vrouw hebben zich in de tijd dat mijn ouders in Oxford woonde altijd over hen ontfermt.

Het was het idee van de filoloog Harting dat mijn vader bij Tolkien in Oxford ging studeren in het kader van het zogenaamde Hartingprogramma. Harting, de oud-gymnastiek leraar die een geweldige scout was achteraf. Engels spak hij zelf met een verschrikkelijk accent, ik herinner me nog mijn vaders Harting-imitaties die accentloos Engels sprak omdat hij in Engeland was opgegroeid. But Gwyy, gwyyy was tat? Met de u uitgesproken als u in butter. Maar al zijn leerlingen zijn wel later hoogleraar geworden. Mijn vader, Verhoeff, Vos, noem maar op.

Aan de overkant van de rivier

Een paar jaar geleden ik voelde me langzaam wegzakken in een zwart gat. Alles werd heel rustig om mij heen werd en ik moet zeggen zeer behaaglijk. Er verscheen een Grieks orthodoxe priester naast mij, een oude man die op een hele kalme toon tegen mij begon te praten. Hij vertelde mij dat hij in de jaren vijftig van de vorige eeuw was overleden en begon mij van alles uit te leggen wat op dat moment volkomen logisch en helder op mij over kwam. Ik zakte nog verder weg.

Ik kwam weer tot mijzelf en zat op een bankje bij een klooster op Athos in de werkelijk prachtige kloostertuin met de mooiste bloemen die ik ooit had gezien. Langzaam kwam er een monnik op mij af en vroeg mij of ik de rest van het klooster wilde zien. Ik zei graag, en hij nam mij door een lange gang mee naar geheime ruimtes waar verder niemand mag komen en liet mij de mooiste iconen zien die ik ooit gezien had. Een oude monnik uit lang vervlogen tijden zat in de hoek een icoon te schilderen, glimlachte vriendelijk naar mij en ging weer door met zijn werk. Je zag aan zijn kleding, de stof ervan, zijn brilletje, het kleine olielampje, aan alles dat het een andere tijd was.

Vervolgens was ik terug in de tuin en zat weer op het bankje, het rook er heerlijk zoals alleen maar Griekenland kan ruiken op een mooie zomeravond. Er stond een zacht, verkoelend briesje. Je hoorde het geluid van krekels en het was er heerlijk. Zo vreedzaam, ik kan het niet uitleggen. Dezelfde monnik die mij had rondgeleid kwam terug met een blaadje met koffie en iets lekker. Ik was gelukkiger dan ik ooit op aarde was geweest, dat moet wel want de factor tijd was weg. Ik was duidelijk in een andere dimensie.

Er kwamen twee mannen aanlopen, de ene herkende ik meteen, maar de andere pas later. Het was mijn vader met zijn vriend Tolkien. Ik heb Tolkien als kind namelijk goed gekend, daar zal ik later meer over vertellen. En zij vertelde me van alles uit, over heel het leven maar het meeste herinner ik mij niet meer.  Ook legde ze me tot in de details uit hoe het Grote Project echt in elkaar stak. Werkelijk tot in elk detail. Het was heel raar, ik rook zelfs de lucht van mijn vader, zijn after shave, alles. En zijn kleren, zijn pak met vest was ook anders dan tegenwoordig, ruwer, een ander soort stof van vroeger, ik weet niet hoe ik het moet zeggen. Het was levensecht.

Na verloop van tijd namen ze afscheid en ik zat nog even, dronk mijn koffie op en genoot. Met een klap kwam ik op de wereld terug met allerlei draden aan me, de broeder was een ECG aan het maken en zei alles is goed. De  nachten daarna verscheen de priester weer en heb ik met heiligen gesproken. Elke nacht is er een ECG gemaakt vervolgens. Ik mocht na een paar dagen weer naar huis, er was niks, maar dan ook niks gevonden. Ik was zowel lichamelijk en geestelijk 100% gezond.

Maar het rare was dat wat mij die nacht door mijn vader en Tolkien verteld was in een universele taal tot in de details klopte. Niemand heeft mij ooit iets over het Grote Project verteld, ik heb nooit met iemand erover gesproken. Eerlijk! Nog steeds niet, behalve met Ausma. Maar ik kende elke aspect, dat blijkt wel. Zelfs van de internationale wikiwereld. Jaren heb ik niemand meer terug gezien tot laatst de priester s’nachts weer verscheen naast mijn bed en zich met woorden van grote wijsheid aan mij openbaarde. Ik nam het allemaal voor kennisgeving aan, ik was al een tijdje helemaal niet lekker. Ik dacht, je wordt oud, je bent op.

De ambulancebroeders waren echt geweldig. Ik vroeg, ga ik nu dood? Nee, zei een, want ik ben examen ambulancebroeder aan het doen en dat was een geruststelling. Ik ben uiteindelijk door een geweldige, sympathieke Belgische arts voor de poorten van de dood weggesleept, en het gaat best goed met me op het moment. En ik ben werkelijk geen seconde bang geweest, want soms verlang ik heimelijk terug naar die andere wereld.

Is dit verhaal een verzinsel van mij? Net zoals al die andere verhalen dat zouden zijn volgens Edje de Roo en de rest? Zou ik wel echt zijn? Zou ik wel de waarheid spreken? Of zou ik werkelijk die geniale troll zijn? De keuze is aan u, de lezer.

Mijn oom Gerard werd lid van de NSB

Bet Alfa

Zoals ik al eerder schreef groeide ik op in Kibbutz Bet Alfa in Israel vlakbij Nazareth. Vroeger werd deze plek bewoond door Palestijnen. Deze werden na de oorlog door Joodse kolonisten naar de naastgelegen berg verdreven. Weg van de vruchtbare grond en het water. Mar Gilboa. Mar is Hebreeuws voor Berg. In de Kibbutz wordt nu vis gekweekt, er is landbouw en er worden vooral veel kippen gehouden.


Oom Gerard was ondanks zijn Joodse familie fout in de oorlog en werd lid van de Nederlandse NSB. Maar daarover later meer.

Image

Zijn zoon Frits (mijn neef dus) vluchtte tijdig naar Zuid Afrika, ging daar studeren en werd uiteindelijk professor in de wiskunde en filosofie. Wilt u meer lezen over Frits dat kan er is namelijk een geweldig boek over geschreven.

https://www.independent.co.uk/arts-entertainment/books/reviews/frankie-amp-stankie-by-barbara-trapido-590480.html

Frits was voor de oorlog weggelopen van huis omdat zijn vader Gerard een onmogelijk mens was. Ik geloof niet dat Gerard zelf joods was, zijn vrouw, mijn oudtante was dat wel. Hij is gescheiden van haar om bij de NSB te gaan.

Ongelooflijk, hij was zelfs op heel veel joodse huwelijken getuige geweest. Ik denk niet dat zijn zoon heeft geweten dat hij een NSB’er was die drie jaar in Duindorp gelogeerd heeft, want volgens het boek zou hij verzetsstrijder zijn geweest. Maar drie jaar Duindorp en je pensioen ingetrokken kreeg je niet voor zweetvoeten. En stel je de absurde familierelatie eens voor. En is nog meer gebeurd, maar in verband met privacy zet ik dat niet neer, dat was weliswaar onschuldiger maar ook niet best…

Je bent en blijft natuurlijk een achterbakse ventje, is het niet?

Tjongejonge zeg, halve blogs volschrijven met grote woorden, en dan op de teentjes getrapt zijn door het woordje opgehoepeld. Wikiprojecten zijn niet bedoeld om links te plaatsen naar sneue blogjes waar jij en GS over elkaar buitelen om Wikimediaprojecten de grond in te trappen. Vinvlugt (overleg) 12 apr 2018 13:08 (CEST)
Nee, met een overduidelijk sokpopje op quote bovenbaasje spelen, dat is zeker niet sneu! Zelf nooit ook maar wat dan ook presteren, nog nooit een artikel geschreven, werkelijk overal met je grote bek tussen zitten, en met dat sokpopje van je indertijd abitrollen. Nou diepe bewondering! Werkelijk!
En maar lekker naar dat sokpopje van een TrollTrijntje op Meta rennen! Juf, juf, hij doet het weer. Blokkeer hem!
Je bent gewoon een ongelooflijk min ventje vanachter je toetsenbordje op je zolderkamertje (vermoed ik).  Rot toch een end op met je “ongeruste” mailtjes aan Whaledad indertijd, mislukkeling. Sojelazer toch een end op met je agentje spelen daar. Je bent een NUL. Een hele grote NUL! Net zoals de rest van het zielige zooitje. 
En hier gaat het er tenminste eerlijk aan toe, kom jij maar eens hier of een van je trollmaatjes in de arena, lafaard. Dan zullen we eens zien wat er van die grote, arrogante smoel van jouw over is.  Maar niet veel denk ik…. als je überhaupt durft wat ik niet denk. 

 

The Partizan

Dit is het verhaal van mijn familie, het staat hier, in broken English.  Moet het eens vertalen, zal ik eens doen.

Maar laat ik het eens over mijn mammie hebben. Ze praatte er weinig over en schepte er nooit over op maar vlak voor haar dood heeft ze me heel veel verteld. Mijn mammie was namelijk  een partizaan en altijd altijd hield zij me voor wees nergens bang voor, ook niet voor de dood want het leven is niet om gelukkig te worden. Toch denk ik niet dat ze ongelukkig was, het was een sterke vrouw. Ze was blij met de kleinste dingen, die zag ze meestal als het meest waardevol.

De oorlog was over maar ging gewoon door bij ons thuis. Ik snap dat wel, mijn beide ouders waren toen jonge mensen die de vreemdste en ook vaak gruwelijke avonturen hadden meegemaakt wat hun gevormd heeft. Mijn vader zijn familie was van joodse afkomst (niet joods overigens) en is grotendeels vermoord in de oorlog, en de familie van mijn moeder had een zeer hoog Isabel Allende gehalte en daar krijg je rare kinderen van. Maar later daarover meer, want ik wil bij het begin beginnen.

Was het dapper wat ze gedaan hebben de groep jonge mensen waar mijn ouders toe behoorde? Ik zou met de kennis van nu meer zeggen totaal onverantwoord, zelfmoord, jeugdige overmoed. Waren ze er trots op? Nee, ze wilde het liefst alles vergeten. Een normaal gezin zijn, wat leek te lukken totdat mijn vader ziek werd en stierf op jonge leeftijd. Maar het was natuurlijk geen normaal gezin begrijp ik achteraf. Haast zonder familie en met al die verhalen over die gruwelijke oorlog vanuit het epicentrum van de Holocaust is niet normaal.

En mij krijg je ook niet bang, met niks, zelf niet met de dood zoals laatst bleek. Bent u  bang geweest vroeg de aardige Vlaamse dokter die mij voor de poorten van de dood weg had gesleept. (Belgen zeggen nog tegen de hond u, zoals hij me later uitlegde) Nee, zei ik, geen moment, en nu nog niet. Van partizanen die later een professor en een kunstenares worden krijg je rare kinderen…..

 

Bespottelijk

Ooit stapte ik niets vermoedend een plaats binnen die wij hier niet meer zullen noemen.  Ik dacht misschien is het leuk wat over mijn vader te schrijven, een lang vergeten professor. Het was niet eens mijn idee want ik wist toen niet eens dat je daar zelf kon bewerken. Ik schreef een klein stukje over hem, liet het even nakijken omdat spellen niet mijn sterkste kant is, en plaatse het. En vanaf dat moment bevond ik mij in het grootste digitale gekkenhuis van Nederland.

Dat is heel modern namelijk. Heel veel kerken hebben dat ook, een digitale kerk. Je kan er digitaal een kaarsje opsteken of virtueel de kerk bezoeken, da’s erg in trek. Maar het vervelende in dit geval  was dat ze vergeten waren het bordje “Digitaal gekkenhuis” naast de virtuele poort van hun site te plaatsen. Dat was namelijk duidelijker geweest. Dan had je vanaf het eerste moment namelijk geweten met patiënten van doen te hebben en had ze anders benaderd.

Want het is natuurlijk een achterlijk zooitje want anders doe je dit niet. Ik hou niet van loze beschuldigingen, maar een stel normale en kennelijk volwassen mensen gedragen zich niet zo, dus zeg ik dit niet zomaar. Want als je je zo gedraagt zit er iets finaal mis in je bovenkamer. Kan niet anders. Dan hoor je in het gesticht thuis en niet los te lopen in onze maatschappij.

Nadat mij een geestelijk gebrek is verweten door verschillende van deze lieden in het openbaar is het nu mijn beurt hetzelfde met hun te doen.  Je gaat niet iemand vanaf moment een voor troll uitschelden terwijl je niets van de persoon afweet. Normale mensen gaan niet als een stel kleuters van vijf abitrollen en raak blokkeren, dat doen normale mensen niet. Iemand met enig, let wel enig fatsoen in zijn donder gaat de boel niet op stelten zetten en een soort digitale politieagent spelen zoals Vin deed op quote en doet op pedia. Dat is raar, dat is achterlijk, dat is onaangepast gedrag.

Want ik zei het al eerder, als je dit soort dingen doet ben je gewoon niet goed bij je hoofd, je hoeft geen vakman te zijn om dat vast te stellen. Net zo goed dat je niet goed wijs bent als je Natuur12 gaat steunen en later een plaats in arbcom gunt na zijn getroll met de overduidelijk autistische Ymnes. Wat Trijntje met steward trollen deed kan gewoon niet, en als je dat wel doet ben je niveau kleuterschool helaas niet te boven gekomen. En dan die rare mail van Edo als klapstuk …. waar slaat het allemaal op.

Misschien is mijn eerdere idee het beste, zet de hele site op een intranet als studiemateriaal voor gedragswetenschapper, en zet er duidelijk boven digitaal gekkenhuis in een banner, want stel je voor dat door een storing die puinhoop een keer echt op het WWW komt. Dan weet iedereen tenminste in een keer waar hij of zij aan toe is, want van het runnen van een serieuze site is natuurlijk geen enkele sprake. Evenals dat het natuurlijk glashelder is dat de zon daar nooit gaat schijnen en elke cent die er nog aan gespandeerd wordt of er ooit aan gespandeerd is totaal weggegooid geld is.

Als altijd bent u van harte welkom om hier eens hierover van gedachte met mij te komen wisselen. Maar bedenk daarbij dat ik uitsluitend de verantwoordelijkheid neem voor wat ikzelf schrijf of ooit geschreven heb en niet voor andere zaken. Hier en elders.